Nomenclature
§ 1. Verstrekkingen die tot de bevoegdheid van de kinesitherapeuten
behoren (vanaf 1 january 2000)
1. Verstrekkingen verricht in de praktijkkamer
van een kinesitherapeut
2. Verstrekkingen verricht bij
de rechthebbenden thuis
3. Verstrekkingen verricht voor
rechthebbenden die in een tijdelijke of definitieve gemeenschappelijke woon-
of verblijfplaats van mindervaliden verblijven
4. Verstrekkingen verleend aan in een ziekenhuis
opgenomen rechthebbenden
5. Verstrekkingen verricht in revalidatiecentra
met een overeenkomst
6. Verstrekkingen verricht voor rechthebbenden
die in een tijdelijke of definitieve gemeenschappelijke wonn- of verblijfplaats
van bejaarden verblijven
§ 2. Voor de in de vorige paragraaf omschreven verstrekkingen
wordt een tegemoetkoming van de verzekering voor geneeskundige verzorging alleen
verleend als ze door een arts zijn voorgeschreven
§ 3. Het voorschrift
1° Het moet een document zijn
2° Het vermeldt in alle gevallen het maximumaantal zittingen dat moet worden
verricht, de diagnose en/of de diagnose-elementen van de te behandelen aandoening,
de anatomische lokalisatie van de letsels als die in de diagnose niet wordt
verduidelijkt. In voorkomend geval bevat het voorschrift de bijkomende elementen
die een tweede zitting op dezelfde dag rechtvaardigen overennkomstig de bepalingen
van § 11 of van § 12, 2° van dit artikel.
3° Het omvat eventueel, het uitdrukkelijk verzoek om een verslag, en, als
de voorschrijver het in het belang van zijn patiënt noodzakelijk acht,
elk ander verzoek of alle medische informatie die de kinesitherapeut bij de
uitvoering van zijn behandeling kan helpen.
4° Het concept van de behandeling en de frequencie worden vastgesteld op
initiatief en onder de verantwoordelijkheid van de kinesitherapeut, behalve
als de voorschrijver beide of een van beiden vermeldt. Als de kinesitherapeut
het niet eens is met de frequentie of met het concept van voorgeschreven behandeling,
neemt hij, met het oog op eventuele wijzigingen, contact op met de voorschrijver.
Die wijzingen alsmede het akkoord van de voorschrijvend geneesheer moeten in
het dossier van de rechthebbende worden vermeld.
5° De behandeling moet worden anngevat binnen de twee maanden die volgen
na het opmaken van het voorschrift waarop ze betrekking heeft of na het verstrijken
van de termijn die door de voorschrijver uitdrukkelijk is vermeld.
6° In geval de behandelend geneesheer een consultatief kinesitherapeutisch
onderzoek van de patiënt voorscrijft, schrijf de geneesheer een eventuele
behandeling voor met verwijzing naar dat onderzoek.
§ 4. Als verstrekkingen die tot de bevoegdheid van de
kinesitherapeut behoren, worden de intellectuele en technische handelingen
beschouwd die zijn omschreven in artikel 21bis,
§ 4 en§ 6 van het koninklijk besluit nr. 78 van 10 november 1967 bettreffende
de uitoefening van de geneeskunt, de verpleegkunde, de paramedische beroepen
en de geneeskundige commissies.
§ 5. Het opmaken van het verslag aan de voorschrijvende
geneesheer maakt integrerend deel uit van de verstrekkingen van de nomenclatuur.
§ 6. De in § 4 bedoelde technieken verantwoorden
een verzekeringstegemoetkoming binnen de volgende perken:
1° als mobilisatie, massage of fysiche therapieën zijn met name uitgesloten:
oog- of orthoptische gymnastiek, magnotherapie, sonotherapie (die moet worden
onderscheiden van de ultrasonotherapie, die hier niet bedoeld is), plantaire
reflexologie, auriculotherapie, hippotherapie, alleen uitgevoerde applicaties
van warmte en/of koude, acupunctuurverstrekkingen, vertebrale tracties op een
mechanische tafel of een tafel met elektromotor of door suspensie;
2° mogen niet worden vergoed, de verstrekkingen van louter esthetische
aard of inzake persoonlijke hygiëne (inzonderheid onderhoudsgymnastiek,
fitness, sauna en zonnebank) of nog, de verstrekkingen betreffende de uitoefening
van elke sportieve activiteit.
§ 7. Onder "persoonlijke betrokkenheid van de kinesitherapeut"
moet worden verstaan, de tijd die de kinesitherapeut persoonlijk en uitsluitend
besteedt aan de behandeling van de betrokken rechthebbende.
De "gemiddelde globale duur" persoonlijke betrokkenheid wordt geëvalueerd
op grond van een periode die, voor alle betrokken verstrekkingen en voor alle
patiënten van de kinesitherapeut samen, niet korter mag zijn dan 3 maanden.
§ 8. In elk geval maakt het opmaken van een dossier
per rechthebbende, gespreid over de hele behandeling, integrerend deel uit van
de kinesitherapiebehandeling. Onder behandeling wordt verstaan,
een geheel van verstrekkingen die in het raam van ten minste één
voorschrift worden verricht.
§ 9. Het individueel kinesitherapiedossier moet
tenminste de identificatiegegevens van de patiënt en van de voorschrijvend
geneesheer, de medische gegenvens van het voorschrift, de synthese van de bevindingen
van het kinesitherapeutisch onderzoek, eventueel het schriftelijk verslag dat
is bezorgd aan de geneesheer die een consultatief kinesitherapeutisch onderzoek
van de patiënt heeft voorgeschreven, de toegepaste behandeling en de data
van elke zitting bevatten.
Het bevat eveneens de eventueel vereiste gegevens, namelijk: de wijzingingen
aan het voorschrift overeenkomstig § 3, 4°; een kopie van het verslag
voor de voorschrijvend geneesheer overeenkomstig § 5; de splitsing van
de verstrekkingen overeenkomstig § 15. Hetzelfde persoonlijk dossier moet
voor alle behandelingen dienen, ongeacht of het gaat om één dan
wel meer pathologieën of patologische situaties.
De volgende bepaling treedt in werking op de datum van de afschaffing van de
verplichting om een verstrekkingenregister te houden, waarin is voorzien in
het koninklijk besluit van 25 november 1996
tot vaststelling van de regelen inzake het bijhouden van een verstrekkingenregister
door de zorgverleners bedoeld in artikel 76 van de
wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen,
gecoördineerd op 14 juli 1994, en tot bepaling van de administratieve
geldboetes in geval van inbreuk voor de verstrekkingen waarvoor het dossier
onvolledig is bijgehouden.
§ 10. Toepassingsregels betreffende de verstrekkingen
van § 1, 1°
Onverminderd de bepalingen van het volgende lid, mogen de verstrekkingen 515115,
515712, 515130, 515734, 515196, 515911 en 515955 per rechthebbende slechts zestig
maal per jaar worden aangerekend. Voor de toepassing van deze bepaling begint
een jaar op de dag waarop de eerste van deze verstrekkingen werd verleend.
Bij wijze van overgangsmaatregel mogen de verstrekkingen 510252, 510016, 510613,
510414, 510915, 510716 en 513015 die voor 1 mei 1999 zijn verricht en de verstrekkingen
515115, 515712, 515130, 515734, 515196, 515911 en 515955 intotaal per rehchebbende
slechts zestig keer per jaar worden aangerekend. Voor de toepassing van deze
overgangsbepaling begint een jaar op de dag waarop de eerste van de verstrekkingen
510252, 510016, 510613, 510414, 510915, 510716 of 513015 is verleend.
Indien de rechthebbende in de loop van dit jaar aangetast wordt door een nieuwe
pathologische situatie, kan de adviserend geneesheer, op de aanvrag van de rechthebbende,
toestemming verlenen om over de reterende periode van het in het vorige lid
omschreven jaar maximaal zestig bijkomende verstrekkingen te attesteren. Die
aanvraag moet vergezeld gaan van een medisch en kinesitherapeutisch verslag
en moet worden ingediend met een aan de adviserend geneesheer persoonlijk geadresseerde
brief. Er mogen geen bijkomende verstrekkingen worden aangerekend alvorens de
adviserend geneesheer daarvoor zijn toestemming heeft verleend. De adviserend
geneesheer wordt geacht zijn toestemming te hebben verleend als hij binnen 14
dagen na de verzending van de aanvrag zijn weigering niet heeft betekend of
geen bijkomende inlichtigen heeft gevraagd; de poststempel geldt als bewijs.
De kennisgeving van de weigering wordt met een aangetekende brief aan de rechthebbende
meegedeeld en de kinesitherapeut ontvangt een kopie.
§ 11. Toepassingsregels betreffende de vertsrekkingen
van § 1, 2°
De kinesitherapeut moet elke verstrekking die hij verleend aan patiënten
die genieten van een verminderd tarief van het persoonlijk aandeel op basis
van artikel 7, derde lid, c) van het koninklijk besluit
van 23 maart 1982 tot vaststelling van het persoonlijke aandeel van de rechthebbenden
of van de tegemoetkoming van de verzekering voor geneeskundige verzorging in
het honorarium voor bepaalde verstrekkingen. Deze verplichting geldt
niet indien de rechthebbende zich in de § 13 vastgestelde situatie bevindt.
Behalve in geval van andersluidende specificatie van de nomenclatuur of van
de adviserend geneesheer, mag, benevens een eerste zitting waarvoor een gemiddelde
globale duur persoonlijke betrokkenheid van de kinesitherapeut is bepaald, een
tweede kinesitheraiezitting op dezelfde dag worden geattesteerd. die tweede
zitting mag alleen worden aangerekend als ze minimum 3 uur na de vorige is uitgevoerd.
Een tweede zitting dezelfde dag is alleen verantwoord als ze onontbeerlijk
is voor de gezondheidstoestand van de rechthebbende. De motivering van de noodzaak
van die tweede zitting moet ter beschikking van de adviserend geneesheer worden
gehouden en in het dossier van de rechthebbende worden vermeld. De adviserend
geneesheer mag altijd tussenbeide komen en de vergoeding van de tweede zitting
weigeren indien deze niet verantwoord is. Hij geeft de rechthebbende onmiddellijk
kennis van zijn gemotiveerde beslissing, met een kopie, die geadresseerd is
aan de kinesitherapeut; die beslissing gaat uiterlijk daags na de kennisgeving
van zijn beslissing in.
De verstrekkingen 516751, 516773, 516795en 516821 mogen enkel worden aangerekend
bij patiënten met een hersenverlamming waarvan de kinesitherapiebehandeling
is gestaart voor de 7e verjaardag. Die verstrekkingen kunnen slechts éénmaal
pae dag worden aangerekend en kunnen niet gecumuleerd worden met andere verstrekkingen
op dezelfde dag.
§ 12. Toepassingsregels betreffende de verstrekkingen
van § 1, 3°
1° Een tweede zitting mag op dezlfde dag worden
aangerekend aan de hand van de verstrekkingen van § 1, 3°:
a) voor de rechthebbenden in een als dusdanig erkende dienst voor intensieve
verzorging (code 49) of in een dienst NIC voor intensieve neonatalogie (code
27)
b) voor de rechthebbenden die opgenomen zijn of geweest zijn in een ziekenhuis
en voor wie een van de volgende verstrekkingen werd aangerekend:
- van artikel 13, § 1, van de nomenclatuur (reanimatie): 211046, 211142,
212225, 213021 et 213043;
- van artikel 14, k, van nomeclatuur (orthopedie): de verstrekkingen met
een waarde, gelijk aan of hoger dan N 500, met uitzondering van de verstrekkingen
289015 - 289026, 289030 - 289041, 289052 - 289063 en 289074 - 289085.
Voor de rechthebbenden, hierboven vermeld in a), mag een tweede zitting op
dezlfde dag worden aangerekend tijdens de hele duur van het verblijf in die
diensten.
Voor de rechthebbenden hierboven vermeld in b), mag maximum 14 keer een tweede
zitting op dezelfde dag worden aangerekend gedurende de maand die volgt op de
dag waarop één van de vertsrekkingen vermeld in b) is aangerekend.
2° Voor de rechthebbenden die zich in een van
de situaties omschreven in het voorgand lid bevinden, kan een tweede
zitting op dezelfde dag worden aangerekend indien de kinesitherapeut beschikt
over een medisch voorschrift dat deze tweede zitting duidelijk rechvaardigt.
In voorkomrnd geval, in het kader van een controle a posteriori, is de kinesitherapeut
ertoe gehouden dit voorschrift voor te leggen aan de adviserend geneesheer.
Dit voorschrift moet het volgende vermelden:
a) de nomenclatuurcodenummers en de betrekkelijke waarde vande ontvangen
reanimatiebehandeling of van de uitgevoerde heelkundige ingreep;
b) de datum van de ingreep of de datum van de opneming in de dienst intensieve
verzorging of voor pasgeborenen;
c) de gewenste frequentie per week en per dag.
3° De tweede zitting van de dag mag alleen worden
aangerekend als ze tenminste 3 uur na de vorige heeft plaatsgehad.
§ 13. Toepassingsregels betreffende de perinatale kinesitherapie
van § 1, 4°
Le kinésithérapeute est tenu d'attester au moyen des prestations
du § 1er, 4°, les prestations dispensées aux:
- zwangere rechthebbenden, in het kader van de voorbereiding op de bevalling
- parturiënten
- bevallen rechthebbenden, in het kader van postnatale revalidatie
De zittingen perinatale kinesitherapie, met uitsluiting van die welke aan een
in een ziekenhuis opgenomen rechthebbenden worden verleend, mogen slechts vijftien
keer per zwangerschap worden aangerekend (verstrekkingen nummers:517915, 517930,
517952, 517974 et 517996).
§ 14. Onder week verstaat men een periode van zeven
opeenvolgende dagen die begint op maandag en eindigt op zondag.
§ 15. De zitting waarvoor een "gemiddelde globale
duur" persoonlijke betrokkenheid van de kinesitherapeut wordt gedefinieerd,
kan worden opgesplitst in verscheidene periodes. Dat moet in het
dossier worden vermeld.
§ 16. Het bedrag van de honoraria voor de zittingen
die zijn vermeld in § 1 van dit artikel, dekt eveneens de kosten voor het
eventueel gebruik van toestellen en producten die normaal deel uitmaken van
de verrichte verstrekkingen.
§ 17. Behalve in de gevallen, vermeld in §§
11 en 12, mogen per rechthebbende de in § 1 vermelde verstrekkingen slechts
één keer per dag worden aagerekend.
§ 18. Behalve in de gevallen die zijn vermeld in §
10, is de tegenmoetkoming van de verzkering voor geneeskundige verzorging niet
afhankelijk van de voorafgaande instemming van de adviserend geneesheer.
Laatstgenoemde kan evenwel a posteriori de gegrondheid van die tegemoetkoming
nagaan. hij kan op elk ogenblik:
1° gemotiveerd verzet aantekenen tegen de toekenning van een tegemoetkoming
van de verzekering voor geneeskundige verzorging. Hij heeft daarvan met een
aangetekende brief kennis aan de rechthebbende en stuurt een kopie naar de kinesitherapeut.
Totdat er eventueel een andere beslissing wordt genomen, geldt dit verzt als
een weigering tot tegemoetkoming voor alle latere verstrekkingen. Die weigering
tot tegemoetkoming gaat op zijn vroegst in op de 2e werkdag na de datum van
de verzending van de kennisgeving, waarbij de poststempel-als bewijs geldt.
2° met terugwerkende kracht gemotiveerde weigeringen uitspreken die gebaseerd
zijn op het niet naleven van de bepalingen van de nomenclatuur of elke wijzinging,
die gemotiveerd is wegens het niet naleven van de bepaling van die nomenclatuur,
aanbrengen in de codenummers van de nomenclatuur die door de kinesitherapeut
zijn geattesteerd.
§ 19. Per verstrekker mogen gemiddeld slechts
30 verstrekkingen per dag worden aangerekend, waarvan maximum 20 verstrekkingen
waarvoor een gemiddelde globale duur persoonlijke betrokkenheid van de kinesitherapeut
is vereist. Deze dagelijkse gemiddelde aantallen worden geraamd over een periode
van effectieve activiteit die niet korter dan drie maanden mag zijn voor het
geheel van de verstrekkingen en voor alle patiënten van de kinesitherapeut
samen.
Voor de bepaling van het gemmiddeld aantal verstrekkingen per dag stemt de
verstrekking met een minimuduur van 60 minuten persoonlijke betrokkenheid van
de kinesitherapeut overeen met twee verstrekkingen waarvoor een gemiddelde globale
duur persoonlijke betrokkenheid van de kinesitherapeut is vereist.
§ 20. De in dit artikel, § 1 , vermelde verstrekkingen
mogen alleen maar worden aangerekend door de kinesitherapeuten die
houder zijn van een erkenning overeenkomstig artikel
71 van het koninklijk besluit van 3 juli 1996 tot uitvoering van de wet, gecoördineerd
op 14 juli 1994.
De in de rubrieken I en II van § 1, 1°, 2°, 3° en 4°,
vermelde verstrekkingen mogen alleen maar worden aangerekend door de kinesitherapeuten
die houder zijn van een bijzondere erkenning waarvoor normen gelden die zijn
bepaald in artikel 73 van het koninklijk besluit van
3 juli 1996 tot uitvoering van de wet, gecoördineerd op 14 juli 1994.
Wanner de kinesitherapiebehandeling meer dan 10 zittingen omvat, mag het getuigschrift
worden opgemaakt en aan de rechthebbende afgeven telkens als een reeks van maximum
10 zittingen is bereikt. De term "behandeling" betekend hier een reeks
zittingen waarvoor één voorschrift is opgemaat.